Waarom je van een tweeling dubbel leert (1)

Je zal toch nog maar zó klein zijn

 

en zo ver omhoog moeten kijken

 

terwijl alles wat lager is
je veel nieuwsgieriger maakt.

 

Je hebt niet zo heel veel nodig

 

om het naar je zin te hebben.

 

Als volwassenen
van 1.96
ga je dan door de knieën
om  de wereld
even vanuit het perspectief
van een kind
te bekijken.
Even op gelijke hoogte
een samen vinden.

Gelukkig heeft K. een hele goede conditie
hij doet veel squats

De tweeling heeft
ons al veel geleerd over
‘toegewijd’ ouderschap:
– een goede conditie hebben en
investeren in de relatie

En dit is uiteraard nog maar het begin
het sluit zo mooi aan bij de training die ik doe
en de plannen die ik heb
met mijn eigen bedrijfje voor
training en coaching.

En
oh ja
het is zo gaaf
om die lange K.
door zijn knieën te zien gaan.

Ik zie K. dan ook
vanuit een ander perspectief.
En dan is ie zó leuk.

 

 

 

 

 

 

De bomen in mijn achtertuin, maart 2018

Niet echt mijn achtertuin.

 

die van de achterburen

 

om correct te zijn

 

waar ik vanuit mijn huiskamer

 

op de bovenverdieping

 

uitkijk.

 

Het blijft een boeiend gezicht
ieder moment van de dag
ieder seizoen weer.

 

 

 

 

De rechtlijnigheid van de polder (3)

Ik heb wel iets met rechtlijnigheid.

 

Helaas kleeft er iets negatiefs aan het woord.

 

Het zal net zoiets zijn als

 

met saai en voorspelbaar,

 

Het heeft een negatief imago.

 

Maar laat ik nou wel zijn
of
laat ik het netjes bij mijzelf houden:
‘ik ben saai, voorspelbaar en rechtlijnig’.

 

Het gaat er natuurlijk wel om
waar je
saai
voorspelbaar
en
rechtlijnig in bent.
Voor mij zijn het mijn 3 basisregels

  • Gebruik iets waarvoor het bedoeld is
  • Kijk naar je eigen aandeel
  • Als je iets doet, doe je het met volle aandacht

Meestal ben ik vooral
saai
voorspelbaar
en rechtlijnig
richting mijzelf.’
Ik verwacht het niet van jou :-).

De derde lentekriebels, maar dan anders

Het is zover

 

we zijn op pad.

 

N. en ik zijn er al
een jaar mee bezig.

Denken.
Praten.
Uitvoering?
Tekenen.
Denken.
Praten.

 

en dan nu
de uitwerking.

 

Bij de timmerman.
We zijn spannend.

 

We vertellen aan Jan,
hoe het zo gekomen is
wat onze ideeën zijn
wat we graag zouden willen
waar we naartoe willen
voor wie het is
aan welke vorm we denken?

 

Met het voorjaar
komt de uitvoering
tot bloei.

Ons beeldenkastje gaat vorm krijgen.

De tweede lentekriebels

Bij de lente hoort

 

toch ook de schoonmaak.

 

Echte schoonmaakkriebels

 

heb ik niet

 

maar de rietdekker wel.

 

De kap wordt een beetje geschoren

 

het winterse mos
gaat eraf.

 

 

Hier en daar
een plukje nieuw riet ertussen
en we zijn klaar voor de zomer.

Als je rietenkap je maar goed zit.

De eerste lentekriebels

Ja hoor
het is zo ver,
de eerste narcis
bloeit.

 

We gaan!

 

Verwarming aan
stoelverwarming op het derde standje.

 

Mijn jas voor min 20
hoog dicht.
Kap op.

 

We gaan op pad.

 

De zon gloort ook ergens.

 

Gelukkig is het droog
want…..

 

nu moet het
natuurlijk.
Het is onvermijdelijk.

 

Het is weer cabrio weer.
Of weer om weer in de cabrio te rijden.
Gewoon cabrio weer.

 

 

Waarom een tweeling alles dubbel heeft? (4)

We zijn al een tijdje uit de kleine kinderen.
Nog sterker
ook al een tijdje uit de grote kinderen.
Ik ben nu slechts toeschouwer
en bewonder
de volwassenen die ze geworden zijn.

Je vergeet snel.
Althans.
Ik wel.

 

Maar ineens
zijn daar twee kleintjes
in ons leven.
‘Oww ja!’
denk ik dan
zó was het.
Hoe ging dát ook alweer?

 

Zeker als ze klein zijn
maar ook
als ze groter zijn
wil je niet
jezelf
dagelijks
horen roepen:

‘dat mag niet’
‘laat dat’
‘stop’
‘niet doen’
‘klaar’.

 

De grootste truc
die ík heb moeten leren is
te zeggen wat ik wil.
Dus…:
‘niet op de bank springen’
wordt
‘ga op de bank zitten’
met de klemtoon op
zitten.
Of
wanneer ik een vorm van beleefd wilde zijn:
‘wil je op de bank gaan ZITTEN’?!

Na dit besef zat ik toch met nog een aantal dingen in mijn maag.
Hoe leer ik mijn kinderen
nieuwe situaties tegemoet te treden
zonder ze een berg aan regels,
geboden
en verboden mee te geven.
Voor mij werden dat drie fundamentele regels
die nog steeds nuttig, helpend en handig zijn:

  • Gebruik iets waarvoor het bedoeld is
  • Kijk naar je eigen aandeel
  • Als je iets doet, doe je het met volle aandacht

Gebruik iets waarvoor het bedoeld is telt eigenlijk voor alles.
Een mes is een mes en geen schroevendraaier en wanneer je een mes gebruikt om je schroef los te draaien loop je een risico. Wil je dat risico nemen?
Het gaat ook op voor emoties. Wat doe je met je emoties? Neem nou boosheid.
Boosheid geeft de energie voor beweging. Boosheid kan je inzetten als stuwkracht om vooruit te gaan, om oplossingen te bedenken. Wanneer je boosheid verkeerd gebruikt dan loop je een risico. Wil je dat risico lopen?

Kijk naar je eigen aandeel heeft te maken met hoe jij iets oppakt en vorm geeft.
Neem nou die boosheid of dat mes. Wanneer je geen schroevendraaier in de buurt hebt kun je er voor kiezen om dat mes te gebruiken om die schroef aan of los te draaien. Jouw keuze. Jouw probleem wanneer het mis gaat.
Dat is met boosheid hetzelfde verhaal. Er is wellicht een reden voor je boosheid maar het is je eigen keuze of je je boosheid een drijvende kracht laat worden of een vernietigende kracht.

Als je iets doet doe je het met volle aandacht.
Ik ga er vanuit dat ieder mens leert, wil leren en dat je leert naar je kennis en kunde van het moment. Dat betekent dat je je bewust bent van wat je nog niet weet, dat je op zoek gaat om je kennis en kunnen aan te vullen en daar je volle aandacht op richt zonder je  af te laat leiden.

Van de week had ik zelf zo ’n mooi voorbeeld.
We eten weinig of geen vlees en ik wil de maaltijd aanvullen met eiwitten.  Google is my best friend en ik zoek net zo lang tot ik gevonden heb wat ik wil. Het is tofu geworden. De vraag is wat ik kan doen met tofu, hoe ik het het beste kan gebruiken en wat ik er voor nodig heb. Uiteindelijk ben ik bij Plant Power terechtgekomen en heb ik een tofupers besteld.

Uiteraard is dit heel praktisch maar van de week liep ik ook tegen mijn eigen emotie aan.
Ik was geïrriteerd, een milde vorm van boos en ik begreep maar niet waar dat vandaan kwam. Bij nader inzicht irriteerde het me dat K. iets gezegd had dat volgens mij niet klopte. Ik heb mijn, soms onbedwingbare neiging, om een felle discussie aan te gaan omgezet in een zoektocht naar de feiten en wat bleek, we hadden allebei gelijk :-).

Als ik het zo bekijk, gebruik ik deze drie regels dagelijks in mijn benadering van het leven in zijn algemeen en bij nieuwe dingen in het bijzonder.