Een kuti update en informatie over de liefdevolle-vriendelijkheid-meditatie en Dhamma-lezingen van Bhante Ānanda

Alle foto’s zijn van de site van Bhante Ānanda en de foto’s van Bhante Ānanda zelf zijn gemaakt door Trista

Sinds de pandemie is er veel veranderd.

Bhante Ānanda woont nu in een kuṭi in Blewett, Nelson, BC.
Om veiligheidsredenen kan hij niet op aalmoes-ronde gaan
naar de stad of naar andere openbare gelegenheden.

Met uitzondering van de Cottonwood Falls boerenmarkt
waar hij i
edere zaterdagochtend
om 11.00 uur
zijn aalmoesronde loopt.

Op zondagochtend om 10.30 uur
is iedereen welkom bij de Kuṭi 
voor een Pūjā (maaltijd-offer)
en Dhamma-lezing.  

Op de andere dagen
kan je voedsel aanbieden bij de kuti.

Vergeet niet de gong te luiden
wanneer je voedsel brengt!

Wanneer je Bhante Ānanda vanuit Nederland
voedsel wilt aanbieden kan dat
via het restaurant Tamil Kitchen in Delson.

De kosten voor een maal zijn
50 Canadese dollars (32 euro).
Wanneer je met Ciraj  overlegt
zal hij een maaltijd bereiden
en het de volgende ochtend
bij Bhante Ānanda bezorgen
(het brengen zit ook in de kosten
inbegrepen).
Je kunt bellen met +1 778 463 1008
of via de site.

Er is een tijdsverschil met Canada
van 9 uur

Laat het vooral ook
aan Bhante Ānanda zelf weten
zodat hij je kan bedanken voor je gift:
kootenaydhamma@gmail.com

De Nederlandse Suttavada Foundation
steunt
en support Bhante Ānanda
bij het voltooien
en het wonen in de kuti.

De kuti
krijgt steeds
meer vorm

er is elektriciteit 

een compost toilet

een centrale plek
voor de Dhamma-lezingen

een meditatie plek
voor Bhante Ānanda
in de kuti

verwarming
voor de koude Canadese winters
en een slaapplaats.

De kuti is ingericht.

Onverwachts bezoek
is altijd welkom.

Nu is de buitenkant

van de kuti 

aan de beurt

om 

afgewerkt
te worden.

Bhante Ānanda is 

niet alleen
een wijze monnik

een vriendelijke
behulpzame monnik

een erudiete monnik

maar ook
een heel handige monnik
die de kuti zelf afbouwt
met giften
van de gemeenschap.

Elke dinsdag om 18.00 uur
(Nederlandse tijd 09.00 uur)
is er een begeleide
liefdevolle-vriendelijkheid-meditatie
& Dhamma-lezing via Zoom.

Hieronder is de link
en hoe het werkt.

Ontdek liefdevolle vriendelijkheid en andere aspecten van 
het boeddhisme. Kom in contact met mensen die uw interesse
delen met een ondersteunende en opbeurende gemeenschap. Doe mee met de live liefdevolle meditatie van 30 minuten
en een Dhamma-lezing van 30 minuten vanaf je eigen computer
door Zoom. Klik gewoon op de onderstaande Zoom-link en
uw computer opent de Zoom-app. Dit brengt je naar waar
Bhante Ānanda deze les elke dinsdag om 18:00 uur zal geven. Dit is een gratis les. Iedereen is welkom💗 Het evenement wordt georganiseerd door Bhante Ānanda. Deelnemen aan de Zoom-vergadering: Meeting Link - https://us02web.zoom.us/j/86303287577 Bijeenkomst ID: 863 0328 7577 OPTIE 1: Deelnemen aan een Zoom-vergadering op het bureaublad
via de uitnodigingslink voor vergaderingen 1. Klik op de uitnodigings-URL voor de vergadering die
de host heeft gedeeld via de uitnodigingslink voor de vergadering,
die u kunt vinden onder "online evenement" hierboven. 2. Open de Zoom-app. 3. Keur het verzoek om toestemming goed om de audio en camera
van uw computer te gebruiken. OPTIE 2: Deelnemen aan een Zoom-vergadering op mobiel
(iPhone, Android) 1. Download de Zoom-app voor iOS of voor Android op Google Play
en stel deze in met uw contactgegevens Open de mobiele app. 2. Tik op 'Deelnemen aan een vergadering'. 3. Voer de vergadering in Meeting ID: 863 0328 7577 en uw naam
en stel audio- / videomachtigingen in. Of 1. Tik op de uitnodigings-URL van de vergadering die de host
heeft gedeeld via e-mail of tekst, waardoor de Zoom-app
wordt geopend. De app kan toestemming vragen om de camera
van je telefoon te gebruiken. Voor degenen die het niet lukt, op dat tijstip,
worden de toespraken van Bhante Ānanda op youtube geplaatst.
Dit is de directe link:
https://www.youtube.com/channel/UCNEqXivOi99yg3jtU-uZ8Xg Of klik op het youtube-pictogram in het gedeelte 'praten'
van de webpagina: https://www.bodhibhavana.org.

Het nieuwe kleine boeddhistische monnikshuis (kuti) van Bhante Ānanda

(alle foto’s zijn genomen door Bhante Ānanda of iemand uit de gemeenschap, ze zijn geplaatst met toestemming)

Covid-19 had ook invloed
op het dagelijks leven
van Bhante Ānanda.

Zo kon hij
door de lockdown
niet meer wonen
in zijn kuti
hoog in de Canadese bergen

en zijn dagelijkse almoes-tocht
naar de gemeenschap
van Nelson maken.

Nu organiseert de 
sangha (gemeenschap)
iedere zondag een 
‘community food dana offering’.
waar iedereen 
Bhante Ānanda aalmoezen aan kan bieden
zelf mee kan eten 
anderen kan ontmoeten
vragen aan Bhante Ānanda kan stellen
of een meditatieoefening met hem doen.

Dana is een gift vanuit je hart,
die je waardering weerspiegelt en symboliseert.
Daarnaast heeft dana een praktisch doel:
het voortbestaan van de gemeenschap
door bij te dragen aan het levensonderhoud van de leraar.

Vrijdag 19 juni 

was er de Kuti Pūjā
de inwijding van
het nieuwe kleine boeddhistische monnikshuis
waar Bhante Ānanda
gaat wonen.

Dit is wat Bhante Ānanda vertelt over de inwijding:
‘Voor deze Kuti Pūjā
zegen ik de Saṅgha
voor dit prachtige geschenk.
Ik zal beschermende
gezangen (Parittas) reciteren
in zowel Pāḷi als Engels.

De kracht van het gezang is vooral 
het effect op de geest
wanneer de lezer en de luisteraar
ze hoort en begrijpt.

Na saṅgha dāna
het maaltijdoffer
ga ik
onder de grote ceder
de paritta’s reciteren.
Dit duurt een paar uur.

Ik zal de Ratana Sutta
de Khandha paritta
Mora Paritta
Mettā Sutta
Ātānayita Sutta
… en meer reciteren.

Mensen kunnen vertrekken
wanneer ze maar willen. 🙂

Je kunt ook
licht-
bloemen-
en wierook geven
om de saṅgha
de deva’s 
en de omgeving
te beschermen.

Het huisje is nog niet af
er moet nog veel gebeuren
aan afwerking
inrichting
water
elektra
composttoilet
de omgeving.

Iedereen kan zijn bijdrage leveren.

Het kuti-project
staat onder toezicht
van de Suttavada Foundation
(gevestigd in Nederland
en de site is bijna klaar)
als een gemeenschappelijk
collectief project
waar iedereen
aan kan bijdragen.

Vanuit Nederland
kan iedereen die geld
of een praktische gift
wil doen
contact opnemen met K.
via de Suttavada Stichting:
koen@suttavada.foundation.

De eerste praktische gift
is er al
want ook een monnik
moet gewoon
zijn huishouden doen.

Voor meer foto’s van de Kuti van Bhante Ānanda: klik hier.

De video’s van Bhante Ānanda zijn te zien wanneer je op deze link klikt.

Natuurlijke en Logische Gevolgen #oorzaakengevolg deel 1: Uit de strijd stappen

Na afloop van de persconferentie op 21 april 2020 stelde een journalist aan premier Rutte een heel boeiende vraag; ‘Al weken zegt u dat Nederland zich voorbeeldig gedraagt. En wat krijgen we ervoor terug?! Nog eens drie weken verlenging…Hoe rijmt u dat met elkaar?’

Tja dacht ik, dit gaat over beloning, een beloning voor het goede gedrag?

Wat gebeurt er wanneer ik mijn taart in de oven zet en hem vergeet? Het natuurlijke gevolg is dat mijn taart verbrandt.
Al van jongs af aan heb ik een weerstand tegen straffen en belonen. Straffen, en dat geldt ook voor belonen, is gebaseerd op macht en heeft alleen effect op korte termijn. Bij straf ligt de nadruk op mijn gedrag en niet op de consequenties ervan. Het legt de verantwoordelijkheid en de controle buiten mijzelf. Het enige waar ik misschien heel goed in ga worden, is het vermijden van situaties waarin ik gestraft kan worden of misschien heb ik juist die straf er wel voor over. Wanneer ik mijn straf heb gekregen voelt het als een soort betaling en kan ik het de volgende keer weer doen. Mijn ware zoektocht naar de kern van het niet geloven in straffen en belonen, maar naar denken en handelen in ‘oorzaak en gevolg’ begon toen mijn kinderen klein waren.

Wat kan ik doen als ik vind dat mijn kind niet gestraft hoeft te worden als het zich misdraagt en ook niet beloond als het goed gedrag laat zien?

 

Een van de zoons vergat iedere keer weer zijn sap en fruit mee naar school te nemen. Op het moment dat ik dat ontdekte, sprong ik op de fiets, bracht ik het onmiddellijk naar school en liet ik hem weten dat ik het gebracht had. Ik vertelde hem dat het niet handig was, dat ik ervoor op pad moest en dat het de les verstoorde. Ik hoopte hem op deze manier duidelijk te kunnen maken dat het me slecht uitkwam, omslachtig was en veel tijd kostte om hem iedere keer zijn sap en fruit na te brengen.

Meestal raakte zoonlief dan uit zijn humeur, reageerde een soort van nukkig en prompt vergat hij de volgende keer zijn sap en fruit weer. We zaten in een soort cirkeltje, een cirkeltje waar ik mijzelf vrijwillig in had gemanoeuvreerd door mijn ideeën over een goede moeder willen zijn. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen dat hij de enige in de klas was zonder fruit en sap. Ik had tijd en moeite gedaan om het klaar te maken en het idee dat de juf, en de andere ouders, er iets van zouden vinden hielden mij vast in het cirkeltje. Ik gaf mijn zoon de schuld, want als hij gewoon zijn sap en fruit meenam dan had ik al die gedachten en gevoelens niet. Probleem opgelost.

Wat is het natuurlijke gevolg als je je sap en fruit vergeet? Dat je in de klas niets te drinken of te eten hebt terwijl de andere kinderen hun sap drinken en hun fruit eten! Je hoort er niet bij en je krijgt honger. Om uit het cirkeltje stappen besloot ik niet langer verantwoordelijk te willen zijn voor het meenemen van zijn sap en fruit naar school. Wanneer hij het de volgende keer zou vergeten zou hij in de klas zitten zonder sap en fruit. Het zou geen nut hebben om daarover tegen mij te mopperen of boos op mij te worden. Het is tenslotte niet mijn probleem.

Zoonlief was het ondertussen natuurlijk zo gewend dat ik hem zijn sap en fruit achterna bracht dat de kans groot was dat hij gefrustreerd zou raken. Ik had hem eraan laten wennen dat hij zijn sap en fruit nagebracht kreeg. Dus werd het tijd om zoonlief op de hoogte brengen dat híj een probleem had en niet ík . Ik vertelde hem wat mijn plan was, hoe ik het ten uitvoer ging brengen en wat mijn antwoord zou zijn wanneer hij tegen de consequenties aanliep: ‘Wat vervelend dat je je sap en fruit vergeten bent.’ (Waar nodig zou ik school ook inschakelen, zodat niet iemand anders hem sap of fruit zou geven.) Vanaf dit punt mocht zoonlief zelf leren, ervaren en kiezen wat hij belangrijk vindt.

Wat doe ik wanneer ik geloof dat straffen en belonen eigenlijk alleen op korte termijn werkt en ik er zelf een lelijk mens van dreig te worden?

 

 Mijn grootste oefening is om mijn mond te houden, niet toe te geven aan mijn onwillekeurige beweging om hem zijn sap en fruit na te brengen. Ik zou mijzelf bevestigen dat ik júist een goede moeder zou zijn door hem zelf zijn verantwoording te laten nemen. De eerstvolgende keer zou ik het puntje van mijn tong afbijten en vooral niet zeggen dat het misschien een goede les voor hem is, want dat zou de consequentie onmiddellijk veranderen in een straf. Het gaat erom dat ik de woorden kies die het mijn kind duidelijk maken dat er een keuze is, een mogelijkheid om zijn problemen zelf op te pakken en dat hij niet iets moet omdat wij dat willen.

Het idee dat mijn kind honger zou lijden wanneer hij zijn sapje en fruit niet bij zich had, het idee dat ik geen goede moeder zou zijn wanneer ik er niet voor zou zorgen dat hij het kreeg, het idee dat hij het enige kind in de klas zou zijn zonder sap of fruit, zorgde ervoor dat ik mijn fietst pakte en de weg naar school voor de tweede keer aflegde. Stap voor stap moest ik dit voor mijzelf ontleden en beseffen dat het hooguit een onplezierig hongerig gevoel geeft waar hij de rest van de ochtend mee rond zou lopen, maar dat zijn lichaam daarvan geen schade zou ondervinden. Dat ongemak zou goed van pas komen om zoonlief ertoe te brengen er voortaan aan te denken zijn sap en fruit mee te nemen. Ik moest beseffen dat mijn ‘goede’ moederschap niet zou afhangen van het missen van zijn sap of fruit. Ik heb niet het recht de verantwoordelijkheid van mijn zoon op me te nemen en evenmin heb ik het recht de gevolgen van zijn daden voor mijn rekening te nemen. Die moeten hij zelf dragen.

 

Wat is gelijkwaardigheid? #oorzaakengevolg

Gelijkwaardigheid betekent niet dat we allemaal gelijk zijn aan elkaar,
betekent geen uniformiteit!
Gelijkwaardigheid betekent dat de mensen ondanks al hun persoonlijke
verschillen en kundigheden dezelfde aanspraken kunnen maken op
waardigheid en respect.

Kinderen dagen ons uit
Rudolf Dreikurs en Vicki Soltz
Het kind is in elke fase een volwaardig wezen en niet slechts 
een onaf mens, die nog niet alles kan.
Kinderen hebben het recht te zijn zoals ze zijn, het recht op de dag
van vandaag en het recht op hun eigen dood.

Het recht van het kind op respect
Janusz Korczak
Als ouders niet hardop hun eigen gevoelens en gedachten
delen met hun kinderen, terwijl ze die wel hebben
in de omgang, dan stappen ze uit de gelijkwaardigheid in de relatie.

vrije vertaling uit
Gewoon leven met ongewone handicaps
Hans Bom en Cor de Bode

Ik heb een eigenzinnig stukje 
dat komt ergens heel diep
vanuit mijzelf.

Wanneer ‘iets’
uit dat eigenzinnige stukje
omhoog borrelt
is het niet te stuiten
gaat meestal gepaard met
veel heftigheid en gedrevenheid.

Dat eigenzinnige stukje
heeft eigenlijk geen omschrijving
het omvat alles.

Het wordt geactiveerd door
een geur
een kleur
iets dat ik lees
een gevoel
iets dat ik hoor
proef
of door iets dat ik bedenk.

In de loop der jaren
ben ik handig geworden
om dat stukje ‘iets’
dat naar boven borrelt
woorden te geven.

Ik laat het als het ware
langs mijn hoofd
mijn denken gaan
zoek naar verbanden
geef het woorden.

Wanneer ik
voor wat daar diep binnen
in me borrelt 
een omschrijving geef
klinkt het als

– Gelijkwaardigheid
– Respect
– Eigenwaarde.

Vanuit gelijkwaardigheid
benader ik de wereld
mijn leven
met anderen
de kinderen waar ik een
opvoedingsverantwoordelijkheid voor heb.

Vanuit dat ‘iets’
aan mijn binnenkant
respecteer ik
de eigenheid
van de ander
de gelijkwaardigheid 
naar elkaar.

En wanneer iets
mijn gevoel van rechtvaardigheid raakt?

K. zegt altijd :
‘Stop er een kwartje in
dan komt er voor twee euro vijftig uit.’

Vooral bij dat gelijkwaardig
heb ik een beeld
van een kilo lood
en een kilo veren
op een weegschaal.

Beiden hebben
hetzelfde gewicht
maar een compleet andere
vorm
materie
samenstelling.

Wat wanneer je blaast?
Het in de lucht gooit?
Of het een schop geeft?

Hoe boeddhistische zou je mijn opvoeding kunnen noemen?

De rolverdeling
hier in huis is
dat K. boeddhist is
de Suta’s leest
Pāli leert
Dhamma-talks doet
mediteert
en een stichting opzet.

Ik ben van de 
praktische invulling
over het boeddhisme
het maken van plogjes
met uitleg
de vertaling
naar alledaagse dag.

Onderwerpen
die me al jaren
dicht aan het hart liggen
zijn kinderen
en opvoeding.

Bij mijn recente
zoektocht
naar boeddhistisch opvoeden
kom ik bij

het boeddhaforum.nl
waar de nadruk ligt
op de ontspannen leefstijl
van de ouder.

Ouders van nu
geeft 10 tips
om als ouder
zelf rust te hebben.

Op boeddhakids 
ligt de nadruk
om als ouder
een voorbeeld te zijn
samen te mediteren
je kinderen leren
‘medegevoel’ te hebben.

Alhoewel de opvoeding
van de drie zoons
alweer een tijdje geleden is
put ik nog regelmatig 
uit die ervaringen
voor de tweeling.

De vijf voorschriften
van het boeddhisme

1. vermijd te doden en handel met respect naar alle vormen van leven
2. vermijd te stelen, te nemen van wat niet van jou is of hebzuchtig te zijn
3. vermijd ongeoorloofd seksueel gedrag
4. vermijd te liegen, te roddelen, harde en grove woorden en onzinnig gepraat
5. vermijd bedwelmende middelen en onopmerkzaam gedrag

laat zich
wat mij betreft
prima vertalen
naar mijn leef-
en opvoedstijl.

Regel 3 en 5 zijn
voor mij
onderwerpen
die van en voor
de volwassenen zijn
waarbij je het
je kinderen
voorleeft
en stapsgewijs
bespreekbaar maakt.

Regel 1
was en is
in ons vegetarisch
duurzaam leven
een regelmatig onderwerp 
van gesprek.

Waarbij ik graag
de toespraak
van Chief Seattle 
‘hoe kun je de lucht bezitten’
als ijkpunt heb.

Wat er gebeurt met de aarde
gebeurt met de kinderen
van de aarde.
Als een man op
de grond spuwt
spuwt hij op zichzelf.
Alles hangt met alles samen.

Regel 2 
is verankerd in mijn 
christelijke opvoeding
en het Nederlandse
rechtssysteem.

Regel 4
gaf de meeste uitdaging.

Zolang ik me kan herinneren
heb ik een aversie
tegen straffen en belonen
ben ik een groot voorstander
van ‘oorzaak en gevolg’
en ‘geweldloos verzet’
wat
naar nu blijkt
perfect aansluit bij
het boeddhisme.

Jaren geleden
kreeg ik het boek 
‘kinderen dagen ons uit’
van Rudolf Dreikurs en Vicky Soltz
in handen
over een democratisch
opvoedingsmodel
gebaseerd op gelijkwaardigheid
en wederzijds respect
tussen ouders en kinderen.

Gelijkwaardigheid betekent niet 
dat we allemaal gelijk aan elkaar zijn
betekent geen uniformiteit!
Gelijkwaardigheid betekent
dat de mensen ondanks al
hun persoonlijke verschillen
en kundigheden dezelfde
aanspraken kunnen maken
op waardigheid en respect.

Met name bij
hoofdstuk 5
‘de bedrieglijkheid van straffen en belonen’ 
en hoofdstuk 6
‘oorzaak en natuurlijke logische gevolgen’
een manier
om uit de machtsstrijd
te blijven met  mijn kinderen
vielen er alleen 
maar kwartjes.

Beide hoofdstukken
vormden voor mij
de basis om
liegen
roddelen
harde en grove woorden
en onzinnig gepraat
uit te bannen.

Natuurlijke gevolgen 
komen tot stand onder druk
van de werkelijkheid
zonder dat ouders
op een bepaalde manier
ingrijpen
ze zijn altijd doeltreffend.
Naast natuurlijke gevolgen
kunnen er ook
afgesproken gevolgen zijn
die gebaseerd zijn op 
feiten en realiteit.
Kinderen zien heel snel in 
dat logische gevolgen rechtvaardig zijn
en gewoonlijk accepteren ze
deze gang van zaken zonder protest. 

Zo ook de drie zoons
en de tweeling.

Tien foto’s van mijn achtertuin. Tien vragen van Bhante Ānanda op aalmoes-ronde. Tien dagen #corona. Samengevat in drie regels

Tien foto’s 
van de bomen 
in mijn achtertuin.

Tien dagen 
thuis aan tafel
door het corona-virus

Tien dagen 
mijn reflectie op de

Tien vragen van 
Bhante Ānanda
tijdens zijn aalmoes-tocht.

Samengevat in
de DRIE vragen aan mijzelf.

1. Heb ik de manieren en het gedrag die van mij verwacht worden als monnik?
2. Besef ik genoeg dat mijn leven afhankelijk is van anderen; ben ik gemakkelijk te ondersteunen?
3. Op welke manier kan ik mijn lichaam en taal nog meer in overeenstemming te laten zijn als monnik?
4. Ben ik kritisch genoeg over hoe ik met de voorschriften omga en neem ik daar voldoende actie op?
5. Luister ik naar mijn wijze mede-monniken en neem ik hun kritiek, op mijn naleven van de voorschriften, aan?
6. Ik ben gescheiden van iedereen waar ik van hou en alles wat mij dierbaar is.
7. Ik ben de eigenaar en de erfgenaam van mijn kamma (acties).
8. Mijn dagen en nachten gaan voorbij, hoe breng ik mijn tijd door?
9. Geniet ik van eenzaamheid
10. Heb ik mijn monnikenbestaan zo vervuld dat ik er later door mijn mede-monniken naar gevraagd kan worden?
De bomen vanaf de huiskamer op de 1e verdieping

Drie vragen
die ik mijzelf stel
dagelijks
bij nieuwe
en uiteraard
uitzonderlijke #corona situaties:

  1. Doe ik, wat ik doe, met volle aandacht?
    Met volle aandacht betekent
    voor mij
    dat ik al mijn zintuigen
    denken, zien, ruiken, voelen, proeven, horen en mijn instincten inzet
    om te kijken naar de situatie
    wat er gebeurt 
    hoe ik mij kan verdiepen 
    naar waarde inschatten.
    met al mijn capaciteiten
    ontwikkeling
    en ervaring van dit moment.
  2. Gebruik ik iets waarvoor het bedoeld is?
    Een mes
    is een mes en die gebruik ik niet
    als schroevendraaier.
    Mocht ik geen schroevendraaier hebben
    dan kan ik nog steeds dat mes gebruiken
    maar besef ik de gevaren van een mes.
    Zo is het met ALLES
    ook met mijn emoties.
    Boosheid heeft voor mij
    een voortstuwende kracht
    bedoeld om me op scherp te zetten
    te alarmeren
    actie te ondernemen.
    Boosheid gebruik ik om 
    uit een situatie te komen.
    niet om te vernietigen.
  3. Kijk ik naar mijn eigen aandeel in alle situaties?
    Ik merk 
    dat het zó gemakkelijk is
    om de verantwoording bij een ander
    naast me te leggen
    of gewoon uit gemakzucht
    niet te nemen.

Neem nou dat mes
er was géén schroevendraaier
en het moest gemaakt worden
dan kun je het mij 
toch niet kwalijk nemen
dat het mis ging?

Een regelmatige bezoeker van de bomen

Als bodem bij deze vragen
heb ik de gedachte:

Hoe kijk ik
over 10 jaar
terug op deze situatie?

Wat is mijn antwoord
wanneer ik gevraagd wordt
wat mijn keuzes waren
weet ik nog waarom
ik deed wat deed?

Ik kan antwoord geven!

Ik hoop dan altijd maar
dat die ander de tijd heeft
om te luisteren
naar mijn antwoord?

Het zal nóóit
een kort antwoord zijn :-).

De brief van Bhante Ānanda aan de gemeenschap in Nelson, Canada

Wij
K. en ik
wonen niet in Canada
en niet in de buurt 
van Bhante Ānanda.

We hebben contact
met M. en G.
zij ondersteunen
Bhante Ānanda
in Nelson.

Van M.
kreeg ik
deze prachtige foto’s
en de brief
van Bhante Ānanda
aan de gemeenschap
in Nelson.

Aan M. kan ik vragen stellen
vóór Bhante Ānanda
zodat M. ze kan stellen
zonder te vragen.

Sommige vragen brengen
hem in verlegenheid 
zijn niet te beantwoorden
voor hem zoals:
“Wil je dit?”
(monniken geven geen voorkeur aan)
“Wat wil je dat anderen weten?”
(monniken reageren op directe vragen
maar veronderstellen niet te weten
wat een ander wil weten).

Elke vraag
van mij 
die een keuze vraagt
van Bhante Ānanda
is niet te beantwoorden
voor hem.

De brief waarin
Bhante Ānanda
zichzelf voorstelt
aan de gemeenschap
in Nelson.

“Beste gemeenschap,

Mijn naam is Ānanda en ik ben een Canadese boeddhistische monnik.
Ik ben net een paar dagen geleden in Nelson aangekomen en ik zal hier de winter doorbrengen.

Misschien zie je me laat in de ochtend langzaam over straat lopen, met een grote kom in mijn handen. Dit is wat we noemen “op aalmoes-ronde gaan”.

Monniken, in de tijd van de Boeddha, gingen iedere dag op aalmoes-ronde naar de dichtstbijzijnde stad of gemeenschap met hun kom om voedsel te verzamelen om hun lichaam te onderhouden en te kunnen mediteren.

We smeken niet en vragen niet om voedsel. 
We lopen gewoon in stilte met onze kom, aan de kant van de straat, zodat iemand die wil geven en ons wil ondersteunen, voedsel in onze kom kan doen. Monniken nemen niet wat niet wordt gegeven. Dit is, om vele redenen, een zeer belangrijk onderdeel van onze praktijk. We leven alleen van de vrijgevigheid van anderen.

De monniken lopen bedachtzaam en ingetogen, vooral tijdens hun aalmoes-ronde, zodat er geen ongezonde gedachten ontstaan ​​zoals hebzucht of haat. Terwijl we lopen sturen we altijd liefdevolle vriendelijkheid (Mettā) naar iedereen om ons heen. Onze aalmoes-ronde biedt mensen de gelegenheid om vrijgevig te zijn en daar geluk in te ervaren, zoals de Boeddha dat leerde.

Het is prima om mij te vragen om een ​​paar minuten te wachten als je iets wilt geven, maar het eerst moet gaan halen, dit komt ook veel voor. Ik eet maar één maaltijd per dag zoals de Boeddha de monniken instrueerde. 

Het is gebruikelijk om monniken uit te nodigen voor een maaltijd. Ten tijde van de Boeddha was dit gewoonlijk een goede gelegenheid voor de gastheer om een ​​privé-gesprek met monniken te hebben, over de Dhamma te praten of om vragen te beantwoorden die ze misschien hadden over het spirituele leven. De Boeddha en de monniken geven/gaven vaak lezingen na hun maaltijd (op verzoek). We leren of zeggen niets als er geen verzoek of interesse is. We gaan er niet op uit om mensen ergens van te overtuigen, dat is voor ons niet relevant. Dit druist in tegen onze praktijk.

Sommige mensen willen misschien elke dag of op bepaalde dagen van de week een klein beetje geven. Dat is ook vrij gebruikelijk. Er kunnen afspraken worden gemaakt.

Zo kloppen we normaal gesproken niet op de deuren van mensen voor een aalmoes, maar het is moeilijk voor mensen om te weten wanneer monniken langskomen. Iemand zou kunnen zeggen dat ik op hun deur moet kloppen als ik langs hun huis ga, dat is mogelijk als het de wens is van deze persoon.

Vrijgevigheid is de eerste stap op het pad van de Boeddha naar geluk. De Boeddha leerde dat de oorzaak van alle ongeluk, in deze wereld, verlangen is. Vrijgevigheid, geven is het tegenovergestelde van verlangen. Het geeft ruimte in je gedachten, het maakt blij in plaats van je gedachten te beperken en te vernauwen.

Je geest wordt gelukkig, vredig en verbonden. Dit is heilzaam als voorbereiding op meditatie. Vooral wanneer het geschenk gegeven wordt aan iemand waar je, als gever,  vertrouwen in hebt dat hij een deugdzaam leven leidt. 
De Boeddha zei: ‘als mensen maar wisten hoe heilzaam vrijgevigheid was, zouden ze nooit iets nemen of eten zonder het te delen :).’

Monniken houden van bepaalde regels, die we deugd noemen. De belangrijkste zijn:

  1. Zich bewust te onthouden van schade aan enig levend wezen.
  2. Zich te onthouden van nemen wat niet is gegeven.
  3. Zich te onthouden van alle seksuele activiteiten.
  4. Zich te onthouden van valse spraak, hatelijke spraak, verdeeldheid en zinloze spraak.
  5. Zich onthouden van het nemen van stoffen die de geest saai maken en onzorgvuldigheid veroorzaken.

Door deze vijf regels helpen we anderen om vrij te zijn van angst, vijandschap en ellende. Een ieder die op deze manier leeft, neemt ook deel aan de verdiensten die daaruit voortvloeien. Voor degenen die voor de Dhamma zorgen,  zorgt de Dhamma voor hen 🙂

We onthouden ons ook van het accepteren van geld en het doen van transacties. (Aangezien we 2600 jaar geleden ver verwijderd zijn van de context van Noord-India, zorgt iemand vrijwillig voor alle financiële donaties en transacties voor mij.)

En tot slot, als je een vrouw bent, voel je niet afgewezen als ik je niet knuffel of je de hand schudt, monniken raken vrouwen niet aan. Dit is niet omdat we tegen vrouwen zijn, integendeel. Dit is een bescherming, voor de vrouwen, voor de monniken en voor de reputatie van de sangha’s (de gemeenschap van monniken).

Als je vragen hebt, kun je ze aan me stellen, het zal een genoegen zijn om ze te beantwoorden.

Nog een prettige dag vol zegeningen :).

Ānanda “

 

Waarin de betekenis van de aalmoes-tocht van Bhante Ānanda aansluit bij ‘good merit’ opbouwen in tijden van het corona-virus

Alle foto’s staan op de site (https://www.bodhibhavana.org)
de teksten zijn in overleg met Bhante Ānanda en K. 

De bowl is een ander
praktisch symbool
van het boeddhisme
en net als de mantel
een vereiste voor een monnik.

Als  ‘forest’ monnik
eet Bhante Ānanda
zittend op de grond
uit zijn kom.

Dagelijks reinigt
hij zijn bowl
het vuur zorgt 

dat de rand
van de bowl zwart wordt
en de bowl niet meer glimt.

Het is niet de bedoeling
dat een monnik
onafhankelijk
en zelfvoorzienend is.

Monniken leven  
van de vrijgevigheid
en deugdzaamheid
van andere mensen.

Bhante Ānanda heeft
geen voorzieningen
om te koken
hij kan voedsel niet langer 
bewaren dan één dag.

Een monnik
heeft mensen nodig.

De aalmoes-ronde zorgt
dat Bhante Ānanda
in contact blijft
met zijn gemeenschap.

Hij vraagt niet
of jij je iets
wilt ontzeggen
hij smeekt je niet
hij vraagt je niet
om voedsel.

Je geeft omdat
het een voorrecht is
om het eten te maken
en het te mogen geven.

Jouw vrijgevigheid
geeft jou
bij de voorbereiding
een goed gevoel
bij het geven
een goed gevoel
en in het nagenieten
een goed gevoel.

Het geeft je ‘good merit
goede verdiensten
lof
winst.

‘Good merit’ heeft
een beschermende werking
dat zich opstapelt
door goede daden
goede handelingen
goede gedachten.

‘Good merit’ bepaalt de kwaliteit
van jouw leven
draagt bij aan
de groei van jou als persoon
en jouw ‘good merit’
beschermt jou
jouw familie
en je dierbaren.

Bhante Ānanda eet
niet om de smaak
niet om aan te komen
niet voor luxe
het is voor het behoud
​​van zijn lichaam
zodat zijn lichaam
niet een belemmering wordt
door gevoelens van honger
of een verlangen naar eten.

Na het eten vindt hij
voor de middag
een geschikte plek
om te mediteren.

De tien vragen waar Bhante Ānanda op reflecteert tijdens zijn aalmoes-tocht.

Alle foto’s staan op de site (https://www.bodhibhavana.org)
de teksten zijn in overleg met Bhante Ānanda en K. 

In warmere landen
gaan monniken
heel vroeg
op aalmoes-ronde
het is het 
koelste moment
van de dag is.

In de Canadese
herfst en winter
is dat anders
hoe later
hoe warmer.

Vanuit zijn kuti
hoog in de
Canadese bergen 

vertrekt Bhante Ānanda

iedere dag
rond negen uur

voor zijn aalmoes-ronde.

Het kost hem
ongeveer

anderhalf uur
lopen

naar de stad.

Voor zijn hele aalmoes-ronde
is hij ongeveer
vijf uur onderweg.

Als monnik is hij
voor zijn dagelijks voedsel
afhankelijk van zijn
aalmoes-ronde.

De tijd 
die hij onderweg is
gebruikt hij 
om na te denken 
over tien vragen:

  1. Heb ik de manieren en het gedrag die van mij verwacht worden als monnik?
  2. Besef ik genoeg dat mijn leven afhankelijk is van anderen; ben ik gemakkelijk te ondersteunen?
  3. Op welke manier kan ik mijn lichaam en taal nog meer in overeenstemming te laten zijn als monnik?
  4. Ben ik kritisch genoeg over hoe ik met de voorschriften omga en neem ik daar voldoende actie op?
  5. Luister ik naar mijn wijze mede-monniken en neem ik hun kritiek, op mijn naleven van de voorschriften, aan?
  6. Ik ben gescheiden van iedereen waar ik van hou en alles wat mij dierbaar is.
  7. Ik ben de eigenaar en de erfgenaam van mijn kamma (acties).
  8. Mijn dagen en nachten gaan voorbij, hoe breng ik mijn tijd door?
  9. Geniet ik van eenzaamheid?
  10. Heb ik mijn monnikenbestaan zo vervuld dat ik er later door mijn mede-monniken naar gevraagd kan worden?