Wat een vierkant, een trapezium, een driehoek en een zandloper te maken hebben met loslaten

Als eerste hebben het vierkant
het trapezium
de driehoek
en de zandloper gemeen dat ze alle vier
het kunstwerk ‘Swing 4’
van Arie Berkulin vormen.

Het staat in Eindhoven
op het kruispunt van
Karel de Grotelaan en de Meerveldhovenseweg
het is gemaakt van cortenstaal
de afmetingen zijn 10.600×16.500×16.500 mm.

Mijn vader heeft er dit miniatuur van gemaakt.

Het verhaal gaat dat de kunstenaar
het idee kreeg voor het kunstwerk
bij het weggooien
van een verbogen vierkante lijst.

Een ander verhaal is dat het kunstwerk geplaatst werd
en de bewoners onderling in discussie kwamen
de één vond het een afschuwelijk vierkant
de andere vond het verschrikkelijk materiaal voor een driehoek
de volgende vond zon’n trapezium voor zijn deur nergens opslaan
er was iemand die de zandloper prachtig en symbolisch vond.

Van elkaar begrepen ze niet waar ze het over hadden
een overleg was dringend noodzakelijk om
een duidelijk antwoord te formuleren naar de gemeente
die het beeld wilde plaatsen.
Uiteindelijk is de brief naar de gemeente nooit geschreven
de omwoners konden niet tot een eenduidig besluit komen
over het beeld.

Nadat iedereen bij elkaar op bezoek was geweest
ontstond er een vorm van begrip
voor de zienswijze
en werd het duidelijk wat men vanaf de diverse kijkrichtingen zag.
Na een bezoek aan het beeld
besefte ik dat de plaats waar ik stond
de richting die ik keek bepaalde wat ik zag.

Ondanks de starheid en onbeweeglijkheid van het materiaal
voelde ik me toch uitgedaagd om te bewegen
rond te lopen
obstakels te omzeilen
en na meerdere rondjes
de schoonheid van het beeld te ervaren.
Ik besefte dat
de plaats waar ik stond
mijn ‘standpunt’
mijn ‘kijkrichting’
en de bijbehorende omstandigheden bepaalde wat ik rook, proefde, zag, dacht, hoorde en voelde.

Ik kon meevoelen met het vierkant
het jammer vinden dat de zon recht in mijn gezicht scheen waardoor ik mijn beeld niet scherp kreeg
me ergeren aan het verkeer dat toeterend om mij heen schoot bij het maken van mijn foto’s
over de hondenpoep die ik moest omzeilen om een goed beeld te krijgen.

Het maakte me trots dat ik mee kon bewegen met het kunstwerk
ik de uitdaging zag om iedere keer mijn beeld bij te stellen
de obstakels die ik tegen kwam te overwinnen.

Voor mij staat het beeld synoniem met transitie, verandering, moed, uitdaging.
Ik sta
met mijn leven
op dit kruispunt
er zijn grote veranderingen
ons huis is verkocht
het is nog niet duidelijk wat het volgende huis gaat worden
alles is nog open.
K. begint met een uitdagende nieuwe baan.
Mijn praktijk is door de corona stil komen te liggen
zak ik het weer opgestart krijgen?

Genoeg verandering
uitdaging
transitie
moed om het te doen.

Ik ben al tientallen rondjes gelopen rond mijn beeld van Swing
heb ieder standpunt ingenomen
om mijn kijkrichting te bepalen
een vorm van besef van de consequenties te krijgen
me in te leven welke uitdaging ik aan wil gaan.
Als tweede
voelt dit kleurrijke bolletje elastieken
als de consequenties
van mijn rondje op de Swing-rotonde.

Het staat symbool
voor alles waar ik mee verbonden ben
en wat ik los moet laten.

Alles kent zijn eigen (t)rekbaarheid
en veerkracht.

Komt er te veel kracht op het elastiek te staan
wordt het elastiek te ver opgerekt
gaat het lubberen
trekt het niet meer in zijn model
knapt het uiteindelijk.

Verhuizen zal zeker de rek uit sommige
van mijn elastiekjes halen.
Zo draai ik rondjes op mijn rotonde
en weet dat ik bij sommige afslagen
verliezen heb
dat ik los moet laten
om verder te kunnen.

Om de kleur
de waarde
van sommige van mijn elastiekjes
niet te verliezen
laat ik los.

Ze oprekken
uitrekken tot ze knappen
zorgt voor verlies van kleur
waarde en intentie
dat wil ik niet
dus laat ik los
laat ik gaan.

Mijn extravagante boompioen in #coronatijd

(26 maart 2020)
Ieder jaar
(7 april 2020)
loopt de spanning op.
(14 april 2020)
Het begint met
een knop
(20 april 2020)
die traag
en gestaag
groeit
(21 april 2020 (8.00 uur))
en na het eerste puntje
(21 april 2020 (17.00 uur))
roze
komt er
(22 april 2020 (8.00 uur))
een versnelling
(22 april 2020 (12.00 uur))
tot de bloem
(22 april 2020 (17.00 uur))
als het ware
openbarst
(22 april 2020 (18.00 uur))
en niet meer
te stuiten is.
Dit jaar zijn het
11 bloemen
die extravagant bloeien
en nieuwsgierige
bezoeker aantrekken.

Over mijn eigen schaduw stappen

Sinds het corona
zit ik 
veel makkelijker
aan de tafel

druk druk druk
met van alles

maar wel zittend.

Bij mijn goede voornemens
om het corona
te overleven
staat

dagelijks bewegen
de ene dag yoga oefeningen
de andere dag 
(langzaam) fietsen
naast K. wanneer hij 
hardloopt
of een vroege wandeling

Voor die vroege wandeling
moet ik wel
over
mijn eigen schaduw
stappen.

Maar
ík bén zó brááf
ik doe het gewoon!

Hoe boeddhistische zou je mijn opvoeding kunnen noemen?

De rolverdeling
hier in huis is
dat K. boeddhist is
de Suta’s leest
Pāli leert
Dhamma-talks doet
mediteert
en een stichting opzet.

Ik ben van de 
praktische invulling
over het boeddhisme
het maken van plogjes
met uitleg
de vertaling
naar alledaagse dag.

Onderwerpen
die me al jaren
dicht aan het hart liggen
zijn kinderen
en opvoeding.

Bij mijn recente
zoektocht
naar boeddhistisch opvoeden
kom ik bij

het boeddhaforum.nl
waar de nadruk ligt
op de ontspannen leefstijl
van de ouder.

Ouders van nu
geeft 10 tips
om als ouder
zelf rust te hebben.

Op boeddhakids 
ligt de nadruk
om als ouder
een voorbeeld te zijn
samen te mediteren
je kinderen leren
‘medegevoel’ te hebben.

Alhoewel de opvoeding
van de drie zoons
alweer een tijdje geleden is
put ik nog regelmatig 
uit die ervaringen
voor de tweeling.

De vijf voorschriften
van het boeddhisme

1. vermijd te doden en handel met respect naar alle vormen van leven
2. vermijd te stelen, te nemen van wat niet van jou is of hebzuchtig te zijn
3. vermijd ongeoorloofd seksueel gedrag
4. vermijd te liegen, te roddelen, harde en grove woorden en onzinnig gepraat
5. vermijd bedwelmende middelen en onopmerkzaam gedrag

laat zich
wat mij betreft
prima vertalen
naar mijn leef-
en opvoedstijl.

Regel 3 en 5 zijn
voor mij
onderwerpen
die van en voor
de volwassenen zijn
waarbij je het
je kinderen
voorleeft
en stapsgewijs
bespreekbaar maakt.

Regel 1
was en is
in ons vegetarisch
duurzaam leven
een regelmatig onderwerp 
van gesprek.

Waarbij ik graag
de toespraak
van Chief Seattle 
‘hoe kun je de lucht bezitten’
als ijkpunt heb.

Wat er gebeurt met de aarde
gebeurt met de kinderen
van de aarde.
Als een man op
de grond spuwt
spuwt hij op zichzelf.
Alles hangt met alles samen.

Regel 2 
is verankerd in mijn 
christelijke opvoeding
en het Nederlandse
rechtssysteem.

Regel 4
gaf de meeste uitdaging.

Zolang ik me kan herinneren
heb ik een aversie
tegen straffen en belonen
ben ik een groot voorstander
van ‘oorzaak en gevolg’
en ‘geweldloos verzet’
wat
naar nu blijkt
perfect aansluit bij
het boeddhisme.

Jaren geleden
kreeg ik het boek 
‘kinderen dagen ons uit’
van Rudolf Dreikurs en Vicky Soltz
in handen
over een democratisch
opvoedingsmodel
gebaseerd op gelijkwaardigheid
en wederzijds respect
tussen ouders en kinderen.

Gelijkwaardigheid betekent niet 
dat we allemaal gelijk aan elkaar zijn
betekent geen uniformiteit!
Gelijkwaardigheid betekent
dat de mensen ondanks al
hun persoonlijke verschillen
en kundigheden dezelfde
aanspraken kunnen maken
op waardigheid en respect.

Met name bij
hoofdstuk 5
‘de bedrieglijkheid van straffen en belonen’ 
en hoofdstuk 6
‘oorzaak en natuurlijke logische gevolgen’
een manier
om uit de machtsstrijd
te blijven met  mijn kinderen
vielen er alleen 
maar kwartjes.

Beide hoofdstukken
vormden voor mij
de basis om
liegen
roddelen
harde en grove woorden
en onzinnig gepraat
uit te bannen.

Natuurlijke gevolgen 
komen tot stand onder druk
van de werkelijkheid
zonder dat ouders
op een bepaalde manier
ingrijpen
ze zijn altijd doeltreffend.
Naast natuurlijke gevolgen
kunnen er ook
afgesproken gevolgen zijn
die gebaseerd zijn op 
feiten en realiteit.
Kinderen zien heel snel in 
dat logische gevolgen rechtvaardig zijn
en gewoonlijk accepteren ze
deze gang van zaken zonder protest. 

Zo ook de drie zoons
en de tweeling.

Ons huis is (onder voorbehoud) verkocht

Ons huis hebben we
te koop gezet
het ging zó snel
dat ik niet eens
de tijd had

Deze en onderstaande foto’s staan via de makelaar op Funda

om te vertellen

over het leemstuc
op de muren

het zoldertje
waar de vijfhoek
zo mooi
tot zijn recht komt.

De badkamer
met de golfwand
het fonteintje
op de druppel 
van messing

Om te vertellen
dat de verf binnen
duurzaam is

Het centraal stofzuigsysteem
echt heel fijn werkt.

Dat we
vlakbij het gronddepot 
wonen.

De woonkeuken
onze favoriet is.

dit is een Youtube filmpje

Het een uniek plekje
Zeewolde is.

Dat ze voor het programma
BinnensteBuiten
langs zijn geweest.

Nu zit ik in de 
ontkenning.

Het ging te snel.

De lofzang
hoeft niet meer
er is al iemand
verliefd geworden 
op ons huis.

De brief van Bhante Ānanda aan de gemeenschap in Nelson, Canada

Wij
K. en ik
wonen niet in Canada
en niet in de buurt 
van Bhante Ānanda.

We hebben contact
met M. en G.
zij ondersteunen
Bhante Ānanda
in Nelson.

Van M.
kreeg ik
deze prachtige foto’s
en de brief
van Bhante Ānanda
aan de gemeenschap
in Nelson.

Aan M. kan ik vragen stellen
vóór Bhante Ānanda
zodat M. ze kan stellen
zonder te vragen.

Sommige vragen brengen
hem in verlegenheid 
zijn niet te beantwoorden
voor hem zoals:
“Wil je dit?”
(monniken geven geen voorkeur aan)
“Wat wil je dat anderen weten?”
(monniken reageren op directe vragen
maar veronderstellen niet te weten
wat een ander wil weten).

Elke vraag
van mij 
die een keuze vraagt
van Bhante Ānanda
is niet te beantwoorden
voor hem.

De brief waarin
Bhante Ānanda
zichzelf voorstelt
aan de gemeenschap
in Nelson.

“Beste gemeenschap,

Mijn naam is Ānanda en ik ben een Canadese boeddhistische monnik.
Ik ben net een paar dagen geleden in Nelson aangekomen en ik zal hier de winter doorbrengen.

Misschien zie je me laat in de ochtend langzaam over straat lopen, met een grote kom in mijn handen. Dit is wat we noemen “op aalmoes-ronde gaan”.

Monniken, in de tijd van de Boeddha, gingen iedere dag op aalmoes-ronde naar de dichtstbijzijnde stad of gemeenschap met hun kom om voedsel te verzamelen om hun lichaam te onderhouden en te kunnen mediteren.

We smeken niet en vragen niet om voedsel. 
We lopen gewoon in stilte met onze kom, aan de kant van de straat, zodat iemand die wil geven en ons wil ondersteunen, voedsel in onze kom kan doen. Monniken nemen niet wat niet wordt gegeven. Dit is, om vele redenen, een zeer belangrijk onderdeel van onze praktijk. We leven alleen van de vrijgevigheid van anderen.

De monniken lopen bedachtzaam en ingetogen, vooral tijdens hun aalmoes-ronde, zodat er geen ongezonde gedachten ontstaan ​​zoals hebzucht of haat. Terwijl we lopen sturen we altijd liefdevolle vriendelijkheid (Mettā) naar iedereen om ons heen. Onze aalmoes-ronde biedt mensen de gelegenheid om vrijgevig te zijn en daar geluk in te ervaren, zoals de Boeddha dat leerde.

Het is prima om mij te vragen om een ​​paar minuten te wachten als je iets wilt geven, maar het eerst moet gaan halen, dit komt ook veel voor. Ik eet maar één maaltijd per dag zoals de Boeddha de monniken instrueerde. 

Het is gebruikelijk om monniken uit te nodigen voor een maaltijd. Ten tijde van de Boeddha was dit gewoonlijk een goede gelegenheid voor de gastheer om een ​​privé-gesprek met monniken te hebben, over de Dhamma te praten of om vragen te beantwoorden die ze misschien hadden over het spirituele leven. De Boeddha en de monniken geven/gaven vaak lezingen na hun maaltijd (op verzoek). We leren of zeggen niets als er geen verzoek of interesse is. We gaan er niet op uit om mensen ergens van te overtuigen, dat is voor ons niet relevant. Dit druist in tegen onze praktijk.

Sommige mensen willen misschien elke dag of op bepaalde dagen van de week een klein beetje geven. Dat is ook vrij gebruikelijk. Er kunnen afspraken worden gemaakt.

Zo kloppen we normaal gesproken niet op de deuren van mensen voor een aalmoes, maar het is moeilijk voor mensen om te weten wanneer monniken langskomen. Iemand zou kunnen zeggen dat ik op hun deur moet kloppen als ik langs hun huis ga, dat is mogelijk als het de wens is van deze persoon.

Vrijgevigheid is de eerste stap op het pad van de Boeddha naar geluk. De Boeddha leerde dat de oorzaak van alle ongeluk, in deze wereld, verlangen is. Vrijgevigheid, geven is het tegenovergestelde van verlangen. Het geeft ruimte in je gedachten, het maakt blij in plaats van je gedachten te beperken en te vernauwen.

Je geest wordt gelukkig, vredig en verbonden. Dit is heilzaam als voorbereiding op meditatie. Vooral wanneer het geschenk gegeven wordt aan iemand waar je, als gever,  vertrouwen in hebt dat hij een deugdzaam leven leidt. 
De Boeddha zei: ‘als mensen maar wisten hoe heilzaam vrijgevigheid was, zouden ze nooit iets nemen of eten zonder het te delen :).’

Monniken houden van bepaalde regels, die we deugd noemen. De belangrijkste zijn:

  1. Zich bewust te onthouden van schade aan enig levend wezen.
  2. Zich te onthouden van nemen wat niet is gegeven.
  3. Zich te onthouden van alle seksuele activiteiten.
  4. Zich te onthouden van valse spraak, hatelijke spraak, verdeeldheid en zinloze spraak.
  5. Zich onthouden van het nemen van stoffen die de geest saai maken en onzorgvuldigheid veroorzaken.

Door deze vijf regels helpen we anderen om vrij te zijn van angst, vijandschap en ellende. Een ieder die op deze manier leeft, neemt ook deel aan de verdiensten die daaruit voortvloeien. Voor degenen die voor de Dhamma zorgen,  zorgt de Dhamma voor hen 🙂

We onthouden ons ook van het accepteren van geld en het doen van transacties. (Aangezien we 2600 jaar geleden ver verwijderd zijn van de context van Noord-India, zorgt iemand vrijwillig voor alle financiële donaties en transacties voor mij.)

En tot slot, als je een vrouw bent, voel je niet afgewezen als ik je niet knuffel of je de hand schudt, monniken raken vrouwen niet aan. Dit is niet omdat we tegen vrouwen zijn, integendeel. Dit is een bescherming, voor de vrouwen, voor de monniken en voor de reputatie van de sangha’s (de gemeenschap van monniken).

Als je vragen hebt, kun je ze aan me stellen, het zal een genoegen zijn om ze te beantwoorden.

Nog een prettige dag vol zegeningen :).

Ānanda “

 

Waarin de betekenis van de aalmoes-tocht van Bhante Ānanda aansluit bij ‘good merit’ opbouwen in tijden van het corona-virus

Alle foto’s staan op de site (https://www.bodhibhavana.org)
de teksten zijn in overleg met Bhante Ānanda en K. 

De bowl is een ander
praktisch symbool
van het boeddhisme
en net als de mantel
een vereiste voor een monnik.

Als  ‘forest’ monnik
eet Bhante Ānanda
zittend op de grond
uit zijn kom.

Dagelijks reinigt
hij zijn bowl
het vuur zorgt 

dat de rand
van de bowl zwart wordt
en de bowl niet meer glimt.

Het is niet de bedoeling
dat een monnik
onafhankelijk
en zelfvoorzienend is.

Monniken leven  
van de vrijgevigheid
en deugdzaamheid
van andere mensen.

Bhante Ānanda heeft
geen voorzieningen
om te koken
hij kan voedsel niet langer 
bewaren dan één dag.

Een monnik
heeft mensen nodig.

De aalmoes-ronde zorgt
dat Bhante Ānanda
in contact blijft
met zijn gemeenschap.

Hij vraagt niet
of jij je iets
wilt ontzeggen
hij smeekt je niet
hij vraagt je niet
om voedsel.

Je geeft omdat
het een voorrecht is
om het eten te maken
en het te mogen geven.

Jouw vrijgevigheid
geeft jou
bij de voorbereiding
een goed gevoel
bij het geven
een goed gevoel
en in het nagenieten
een goed gevoel.

Het geeft je ‘good merit
goede verdiensten
lof
winst.

‘Good merit’ heeft
een beschermende werking
dat zich opstapelt
door goede daden
goede handelingen
goede gedachten.

‘Good merit’ bepaalt de kwaliteit
van jouw leven
draagt bij aan
de groei van jou als persoon
en jouw ‘good merit’
beschermt jou
jouw familie
en je dierbaren.

Bhante Ānanda eet
niet om de smaak
niet om aan te komen
niet voor luxe
het is voor het behoud
​​van zijn lichaam
zodat zijn lichaam
niet een belemmering wordt
door gevoelens van honger
of een verlangen naar eten.

Na het eten vindt hij
voor de middag
een geschikte plek
om te mediteren.

De tien vragen waar Bhante Ānanda op reflecteert tijdens zijn aalmoes-tocht.

Alle foto’s staan op de site (https://www.bodhibhavana.org)
de teksten zijn in overleg met Bhante Ānanda en K. 

In warmere landen
gaan monniken
heel vroeg
op aalmoes-ronde
het is het 
koelste moment
van de dag is.

In de Canadese
herfst en winter
is dat anders
hoe later
hoe warmer.

Vanuit zijn kuti
hoog in de
Canadese bergen 

vertrekt Bhante Ānanda

iedere dag
rond negen uur

voor zijn aalmoes-ronde.

Het kost hem
ongeveer

anderhalf uur
lopen

naar de stad.

Voor zijn hele aalmoes-ronde
is hij ongeveer
vijf uur onderweg.

Als monnik is hij
voor zijn dagelijks voedsel
afhankelijk van zijn
aalmoes-ronde.

De tijd 
die hij onderweg is
gebruikt hij 
om na te denken 
over tien vragen:

  1. Heb ik de manieren en het gedrag die van mij verwacht worden als monnik?
  2. Besef ik genoeg dat mijn leven afhankelijk is van anderen; ben ik gemakkelijk te ondersteunen?
  3. Op welke manier kan ik mijn lichaam en taal nog meer in overeenstemming te laten zijn als monnik?
  4. Ben ik kritisch genoeg over hoe ik met de voorschriften omga en neem ik daar voldoende actie op?
  5. Luister ik naar mijn wijze mede-monniken en neem ik hun kritiek, op mijn naleven van de voorschriften, aan?
  6. Ik ben gescheiden van iedereen waar ik van hou en alles wat mij dierbaar is.
  7. Ik ben de eigenaar en de erfgenaam van mijn kamma (acties).
  8. Mijn dagen en nachten gaan voorbij, hoe breng ik mijn tijd door?
  9. Geniet ik van eenzaamheid?
  10. Heb ik mijn monnikenbestaan zo vervuld dat ik er later door mijn mede-monniken naar gevraagd kan worden?

Wat ‘verlangen naar’ met mij doet en hoe ik mijn ‘normaalstandje’ ontregel

Sinds de inwijding van K.
als boeddhistisch monnik
krijg ik veel mee
van het Theravada Boeddhisme.

Zo zie ik Bhante
op YouTube
wanneer K. naar
een Dhamma-talk kijkt.

Zo luister ik naar het Pali
wanneer K.
zijn lessen oefent.

Zo hoor ik over 
Boeddha wanneer
K. een sutta  leest.

Zo voel ik het
aan de rust
in huis
wanneer K.
dagelijks mediteert.

Voor mij
is de zoektocht naar
‘herkenbare’ woorden
zodat ik
wat ik meekrijg
kan vertalen
naar ons dagelijks leven.

Bhante spreekt me aan 
in zijn uitleg
in zijn menselijkheid
in zijn wijsheid.

Hij onderwijst over 
– De vijf Precepts
De 6 R’s
Kamma
Lijden en Verlangen
De wet van Oorzaak en Gevolg  

en

Dependent Origination
  

Wat zoveel betekent als:
– wanneer dit er is
   is dat er ook
– van het ontstaan van dit
   komt het ontstaan van dat
– wanneer dit er niet is
   is dat er ook niet
– van het eindigen van dit
   komt de beëindiging van dat.

En hier
herken ik mijn
‘normaalstandje’.

Mijn opvoeding
de tijd waarin ik leef
de cultuur waar ik deel van ben
en mijn persoonlijkheidskenmerken
zorgen voor mijn
‘normaalstandje’.

Het standje waarmee ik
gedachteloos reageer
in actie kom
op prikkels
uit mijn omgeving.

Mijn ‘normaalstandje’
wordt gevoed
door de verwachtingen  
die ik heb van en over mijzelf
die anderen over mij hebben
of mijn dagelijks leven
dat om aanpassingen vraagt.

Mijn ‘normaalstandje’ zorgt  
dat ik 
in een cirkeltje ronddraai
en herhaaldelijk
hetzelfde gedrag heb.

Waar ergens
kan ik grip krijgen
op mijn ‘normaalstandje’
en uit die cirkel stappen ?

Dependent Origination
helpt mij
met het inzicht 
hoe
waar
wanneer
en welke 
keuze ik maak
zodat ik
uit mijn cirkel kan stappen .

Ik heb geleerd dat
bewustzijn
de eerste stap is.

Ik ben me bewust dat:
– alles vergankelijk is
– het om mijn verlangen gaat 
– dat niks persoonlijk is

Het is als de zon
die opkomt
stap voor stap
aan de hemel klimt
bij iedere stap de wereld
kleurt
vormt
licht
en warmte geeft
afhankelijk van
de tijd van het jaar
de plaats waar ik ben
en hoe ik de zon zoek.

Ik realiseer me
dat de zon
weer ondergaat
mij tijdelijk licht
kleur 
en warmte geeft
zonder dat ik er
onderdeel van ben.

Net als de zon
zijn mijn emoties
inzichten
en verlangens
slechts tijdelijk
en niet van mij.

Waarom in Death Valley leven, lijden en boeddhisme samenkomen.

Van de bergen op 2000 meter met 0 graden en sneeuw
naar - 200 met 15 graden en zandduinen.
Van een vruchtbare oase naar de zoutvlakte 
over begaanbaar en onbegaanbare wegen langs
kleuren, vormen en materie.
De Valley in een notendop.

Ik voel een enorme
verbondenheid
vertrouwdheid
met Death Valley

De Valley raakt me
in mijn ziel.

De Valley  
staat synoniem
voor het leven
MIJN leven.

Ik krijg
als mens
vroeg of laat
te maken
met zorgen
met pijn
met verdriet
met ziekte
met dood
met verliezen.

Die horen bij het leven
bij ieders leven
bij mijn leven.

Ze hebben te maken
met de gevoeligheid
vergankelijkheid
van mijn menselijk lichaam.

Ontstaan door
de plek waar ik geboren ben
de generatie waarin ik opgegroeid ben
het leven dat ik leid
de omgeving waar ik woon.

Ook krijg ik te maken
met alle soorten
van ongemak
problemen
frustraties.

Dát is LEVEN
dat is mijn leven.

Niet het leven
zelf
is  mijn lijden!

Het zijn mijn gedachten
mijn gedrag
mijn intenties
mijn zorgen 
over mijn leven.

Mijn lijden wordt veroorzaakt
door het leven 
door het lijden
PERSOONLIJK te nemen.

Het  boeddhisme leert mij
dat er niks zinlozer is
dan mijn leven
dan mijn lijden
te willen verklaren
proberen te negeren
op te lossen
weg te nemen.

Er is geen diepere zin
in mijn lijden
maar wèl
een diepere oorzaak
in mijn verlangen
om het te verklaren
te willen begrijpen
te doorgronden.

Ik kan proberen
die oorzaak
mijn afweer
mijn angst
mijn boosheid
mijn verdriet
voor pijn
voor ziekte
voor dood
te achterhalen
weg te nemen.

Niets van dat alles
verandert iets
aan mijn leven
mijn lijden.

Ik kan
WEL
mijn gedachten
mijn intenties
mijn gedrag
richten op
compassie
wijsheid
en een positieve houding.

Ik kan mijn lijden stoppen
door mijn verlangens
niet te voeden.
Mijn lijden
niet van mij
als persoon te maken.

Het is alsof ik de Valley
zou willen
omvatten
doorgronden
begrijpen.
Het gaat me niet lukken.