Welke vragen heb ik sinds K. Māha Kappiya is van Bhante Ānanda?

Alle foto's op deze pagina zijn van Bhante Ānanda

Het boeddhabeeld van K.
is aangekomen bij Ānanda

K. kent Ānanda
sinds zijn inwijding.

Ānanda is zijn leraar
bij de bestudering
van de geschriften
en het Pali.

K. is Kappiya
van Bhante Ānanda
(dat betekent zoveel
als zijn rechterhand
rentmeester).

K. regelt de financiële
en praktische zaken
voor Bhante Ānanda
die hij als monnik
zelf niet mag of kan regelen.

K. heeft een stichting opgezet
zodat de donaties
en de steun aan Bhante Ānanda
geregeld is.

Bhante Ānanda is ‘forest’ monnik

hij woont hoog in de bergen
in een kuti
(kleine woning)
in Canada.

Ik heb Bhante Ānanda gevraagd
of hij mij kan vertellen
wat de betekenis is
van zijn gewaden
zijn aalmoestocht
en de bowl die hij gebruikt?

Een monnik maakt

na zijn inwijding
zijn eigen gewaden.

(Boeddha gebruikte de mantel
om zich te beschermen tegen kou,
warmte, vliegen en muggen
en gewoon om de delen van zijn lichaam
te bedekken die schaamte veroorzaken.)

Het patroon van de mantel
is heel eenvoudig

het is zo ontworpen dat
het kan worden samengesteld
uit restanten lapjes stof
lappen die achtergelaten 
of afgedankt zijn.

Er zijn regels met betrekking tot de maat
de kleur, hoe ze worden genaaid, de stof, 
hoe je ze als monnik kunt krijgen en hoe je ze moet dragen.

De mantel is het symbool van het boeddhisme.

Bhante Ānanda heeft
zijn buitenmantel voltooid.

Monniken moeten zich bedekken
voordat ze een stad of dorp
binnengaan voor een aalmoes.

Er zijn twee verschillende manieren
om de mantel te dragen.
Een daarvan is de “casual” manier
met de blote rechterschouder
(dit was ook een teken van respect
ten tijde van de Boeddha)
en volledig bedekt met de draai
rond de schouder en de bowl eronder. 
(beide armen volledig bedekt)

Beste K. en Maria 🙂

Dat klinkt geweldig.
Ik zal mijn best doen om jullie te helpen

Elke monnik is altijd vrij om monnik te zijn of niet te zijn.
Niemand dwingt iemand in het boeddhisme.
Monniken zijn monniken omdat ze dat echt willen zijn.
Monniken volgen de discipline (Vinaya) omdat ze dat willen.

Monniken begrijpen dat de regels geen belemmeringen zijn
integendeel
ze zijn voor ons eigen welzijn en voordeel.

We “dwingen” ons niet om deze ontelbare regels te volgen
we willen actief binnen deze deugdzame grenzen blijven.
Voor ons eigen welzijn en het welzijn van anderen.

Als monnik begrijp ik echt dat:

“Discipline is omwille van terughoudendheid
terughoudendheid is om niet berouwvol te zijn
niet berouwvol zijn is omwille van vreugde
vreugde is omwille van genot
genot is omwille van rust
rust is omwille van geluk
geluk is omwille van mentale kalmte
mentale kalmte is om duidelijk te zien
duidelijk zien om verzadigd te worden
verzadigd zijn is omwille van niet hunkeren
niet-verlangen is omwille van de vrijheid
vrijheid is omwille van de kennis en visie van vrijheid
de kennis en visie van vrijheid is omwille
van de uiteindelijke nibbāna
zonder vast te houden.”

Ik hoop dat dit helpt 🙂

Sabba satta bhavantu sukhitatta
Mogen alle wezens gelukkig van hart zijn 🙂

Veel Mettā
Bhante Ānanda 🙂

Waarom K. spreekt over ‘kamma’ en niet over karma

Het begint
al bij ons ontbijt

en gaat
verder bij de 
koffie.

We praten  
over kamma.

Kamma komt uit het Pali
(karma uit het Sanskriet)

Pali is de spreektaal 
uit de tijd
van de boeddha.

De taal van de originele
boeddha-geschriften.

K. voelt zich 
als boeddhist
verbonden met de manier
waarop Bhante  
de oude Boeddha-geschriften
onderwijst.

Voor kamma is er geen
goed Nederlands woord
maar het betekent zoveel als
‘handelingen in’
gedachten
spraak
en doen.

Bij kamma gaat het om
‘bewustzijn’

om ‘intenties’

in ‘doen’
met
oorzaak en gevolg.

Dat ik me bewust ben
van mijn gedachten
van mijn intenties
van mijn woorden
van mijn acties.

Het besef dat mijn handelingen
positieve gevolgen
neutrale gevolgen
of negatieve gevolgen hebben.

Voor het nu
voor morgen
en voor de verre toekomst.

Als ik zonder opzet 
onbewust
zonder intentie
of
ongewild iets doe
bouw ik geen kamma op.

Wanneer ik per ongeluk
op een mier stap
en de mier dood
is dat technisch gezien
een negatieve daad.

Wanneer ik niet de intentie heb
of de mier onbewust dood
blijft het zonder gevolgen
voor mijn kamma.

Mijn intenties
en
mijn bewuste acties 
zijn dus de bepalende factoren
bij de vorming van mijn kamma.

Kamma
of de wet van oorzaak en gevolg
is een begrip
dat soms verkeerd
begrepen
of
gebruikt wordt.

Kamma heeft niets te maken
met toeval
met lot
mijn lot
of mijn voorbestemming.

De wet van oorzaak en gevolg
heerst in het hele universum
en telt voor iedereen.

Het boeddhisme kent
geen
rechtvaardigheid
onrechtvaardigheid
geluk of 
ongeluk.

Het boeddhisme gaat er vanuit
dat ik bewust kies
voor mijn acties en mijn daden en dat
IK
dáár verantwoordelijkheid voor neem.

Een appelpit (intern kamma)
groeit uit
tot een appelboom
nooit tot een perenboom.

Er zijn andere factoren
die de groei beïnvloeden
(extern kamma).

De grondsoort waar de appelpit
in terecht komt
hoeveel regen er valt
wanneer de zon schijnt
en het klimaat
waar de boom groeit.

Een sterke appelpit
die platgetrapt wordt
groeit nooit uit tot
een appelboom.

Een zwakke
of kwetsbare appelpit
van een zwakke
of kwetsbare appelboom
kan door  
sterke omstandigheden
uitgroeien
tot een sterke appelboom
en veel appels geven.

Onze gesprekken
aan tafel
gaan dus altijd over
bewustzijn
keuzes maken
en
verantwoordelijkheid nemen.

Het roept genoeg vragen op
bij mij
bij K.
bij ons samen
Dat geeft soms
intense discussies.

Want

tot hoever 
gaat mijn bewustzijn
in de keuzes die ik maak
en tot hoever kan ik
verantwoordelijkheid nemen?

Want

is er ook nog zoiets als
jezelf
onbewust of
onwetend houden
zodat je niet hoeft te kiezen
om verantwoordelijk te zijn?