Na de storm komt het reizen.

 

Het stormt.

 

Het regent.

 

De eerste boom is onderuit.

 

En voor het ene moment,

 

dat het iets lichter lijkt te zijn.

 

Lopen we naar de buurvrouwen aan de overkant.
Die hebben een winkel,
annex eethuis,
en cappuccino.

 

De storm is voorbij getrokken.
Het regent nog steeds.
Het is vroeg.
We moeten op pad.

 

Eerst nog even ontbijten,
want het wordt een lange rit.

 

We zijn onderweg naar Seattle Airport.
Ik reis namelijk naar huis.
Alleen.
K. blijft nog even.

 

Onderweg hebben we weer echte koffie

en snel internet.

 

Ik ben super de luxe op het vliegtuig gezet.
Vlekkeloos inchecken,
door naar de precheck, douane en boarden.
Een mooi plekje bij het raam.

 

Dat maakt het alleen reizen niet gezelliger.

 

Maar wel makkelijker.
Dank je K.!

 

Verroest,
ik ben echt hélemaal alléén.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wachten op de storm.

Daar is de grote zwarte toren weer.
Vanaf de weg.

We zijn op pad.
Ja, ja en het is nog steeds niet gestopt met regenen.
Hele stromen.

 

Om Seattle uit te komen is een drama.
Er is storm op komst en blijkbaar is iedereen op pad.
Wij zijn op weg naar Olympic National Park.
Met de regen en storm achter ons.

 

 

En voor ons.

 

Nog een eindeloze weg om te gaan.

 

We zitten op een prachtige plek.

 

Hier kijken we op uit.

 

Voor nu zitten we in de centrale hal.

 

Bij de grote open haard.
In afwachting van de storm.
Buiten regent, regent en regent het.
Er wordt afgeraden om op pad te gaan.
Gewoon binnen blijven.

 

Het weerbericht geeft leuke plaatjes.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er zitten laagjes in alles.

Het Freeway Park, naast het hotel, is mijn favoriet.
Een ijkpunt!
Wanneer ik in Seattle ben maak ik er iedere dag een wandeltje.
Het blijft het me verbazen dat er zo veel laagjes kunnen zijn in wat je kunt zien.

 

Er is veel beton.

 

En groen.

 

Groen, beton en…..

 

water.

 

Tussen al die gebouwen van staal en glas.

 

Ligt daar soms iets wat je niet verwacht.

 

Een spijkerbroek.
Hoe is die daar zo elegant terechtgekomen?
Lijkt wel of iemand er zo uit is gekropen.

Al die laagjes zijn soms zò zichtbaar.
Sommige van die laagjes zijn leuk om te ontdekken.
Plezierig om te vertoeven.
Licht, fris en prikkelend.

Op bepaalde plekken blijf ik liever weg.
Ze hebben iets donkers, iets onaangenaams.
Een foto kan nog net,
dan kan ik er later vanaf een afstandje naar kijken.

Van sommige laagjes zie ik dat ze verder gaan.
Ze zijn vluchtig en er gaat van alles over en voorbij.
Daar ben ik toeschouwer.

Je snapt, dit park blijft me verwonderen.
Het voelt als het leven zelf.
Vandaag regent het,
en krijgt alles vast een andere dimensie.
Ik ga me vandaag opnieuw verwonderen.

 

 

 

 

Naar het einde van mijn horizon en op zoek naar de ijkpunten.

K. had gistermiddag een vergadering in het Lake District.
Ik ging mee.

 

K. ging vergaderen over de Cloud,
wat hij, overigens, heel graag doet.
Voor mij was er geen wolkje aan de lucht.

 

Gewoon voetjes aan het water.
In ‘glimmende pattas’ zoals zoonlief mijn schoenen noemt.

 

Met uitzicht op….

 

juist, die hele grote zwarte toren.
Mijn ijkpunt.

 

Ik hou van ijkpunten.
Zoals de cappuccino.
Het groene sapje.

 

Bij Mr West Cafe Bar.
Een 9, dit keer.
Ik ben altijd, waar ik ook ben, op zoek naar ijkpunten.

IJkpunten aan de buitenkant.
IJkpunten aan mijn binnenkant.

Vanmorgen, bij de koffie, kwam J. aanschuiven.
Een collega van K.
J. heeft ‘guns’.
Niet slechts één maar een hele serie.
Van simpelweg hagel naar zeer dodelijk.

Tijdens dit soort gesprekjes komen altijd de verschillen tussen Amerika en Nederland ter sprake.
Hoe, wij Nederlanders, het wonderbaarlijk vinden om ‘guns’ in huis te hebben.
J. vertelde over zijn ‘wat’, zijn ‘hoe’ en zijn ‘waarom’.

Misschien, wie weet?
Wanneer K. en ik geboren zouden zijn, opgegroeid en leven daar waar J. woont dan…..?

Maar zover kom ik nooit met mijn denken.
Dat is een vraag die ik mijzelf nooit stel.

Bij deze gesprekken is ‘meerzijdig meelevend’ zijn mijn ijkpunt.
Het verhaal van de ander horen,
het mijzelf laten begrijpen wat het voor die ander betekent
en bevestigen dat ik dat doe.

Dat wil niet zeggen dat ik er mee eens ben,
er ook zo over denk
of het wil navolgen.

Vanmorgen kon ik J. in de ogen kijken en beseffen hoe noodzakelijk ‘anders’ een leven kan zijn.
Ik mag J. wel.

 

 

 

 

 

 

Hoe makkelijk val je in de routine van het reizen?

 

Best wel eigenlijk.

Weer heel vroeg op pad.
Ik ben al een uur op.
Jetlag dus.

 

Het is nog donker.
Dat geeft wel hele mooie plaatjes.

 

K. gaat naar zijn werk.

 

We ontbijten nog wel samen.
Met uiteraard een kop cappuccino.
Dit keer bij Caffe Ladro.
Voor mij een 8.
K. is enthousiaster.
Bij het tweede kopje hebben we een ander boontje gevraagd.
Een allemansvriendje.

 

Bij terugkomst is het zonnetje ruimschoots op.
Kijk hoe ver je kunt kijken!

 

Het is een dag om al mijn favoriete plekjes langs te gaan.
De Gum Wall.
Oktober 2015 was ik er ook.
November 2015 hebben ze hem na 20 jaar schoon geschrobd.

Er is alweer aardig wat tegenaan geplakt.

 

En dan door naar Pike Place Market.
Ik was net te laat voor de show
die gegeven wordt door de mannen van de viskraam.
Een rondje gooien en vangen van vis.

 

Nu nog even op pad naar dat geweldige gebouw
waar ik naar kijk vanaf de 32e verdieping.

 

Vanaf de begane grond is het nog indrukwekkender.

 

3x is scheepsrecht in Seattle

De koffer staat klaar.
Ik ga met K. mee naar Seattle.

 

Eggie gaat natuurlijk ook mee!

 

Dit keer gaat de ‘popsockets’ ook mee.

 

Dat ziet er zó uit.

 

Nog een kopje koffie op Schiphol.
We hebben zo van die vaste rituelen.
En die van die koffie weet je ondertussen.
Dit is een 8.

 

We zijn ergens tot Almere aan het taxieën.
Gelukkig we zijn zover.

 

Nu nog een stuk met de trein.
Daar moeten we heen.
Daarbij die grote zwarte toren.

 

Die is deze week weer mijn uitzicht.
Nu op de 32e verdieping.

 

En onze eerste gang is?
Juist!
Op naar de beste koffie van Seattle, cafe senso unico.
Een 10!

 

 

 

 

 

 

Vertrek.

 

Zo dat was het dan weer.
De laatste koffie bij ‘caffè senso unico’,
de beste koffie van heel Seattle.
De eigenaar kent ons: ‘one shot and one double shot’.
Ja, dat zijn wij!
Uiteraard is K van de ‘double’.
Double mijn lengte, double mijn stappen….

 

Het is zo handig dat de straatnamen hier op de grond staan.

 

Voor kleine vrouwtjes die dichter bij de grond leven.
(overigens moet ik op de hoek van Seneca Street en 6th Avenue zijn).

 

Soms vergeet ik gewoon om op te letten waar ik ben.
Ik loop en kijk om mij heen.

 

En zie zo veel waar ik me over verbaas.

 

Neem nou het aantal banen die naast elkaar liggen.
Ik heb ze geteld.
Op het breedste punt tel ik er 18.

 

Overdag hang ik het bordje ‘niet storen’ aan de deurknop.
Het gaat niet zozeer om het ‘niet storen’ maar de kamer hoeft niet iedere dag schoongemaakt te worden.
Dagelijkse schone handdoeken zijn ook niet echt nodig.

Aan het eind van de dag staat er dan keurig een tas
met schone handdoeken, nieuwe zeepjes en chocolaatjes.

 

Om ons door de nacht te helpen.
Zo schattig.

Oh ja er is een tweede kaartje.
Daar staat op dat we de ‘niet storen’ kaart maar 3 dagen mogen laten hangen.
Daarna maken ze gewoon schoon tussen 13.00 uur en 15.00 uur.
Ik denk dat we anders vervuilen?